Kenmerken van stemmen

De stemmen/geluiden worden door degene die ze hoort zeer realistisch waargenomen, ook al horen anderen ze niet. Iedere stemmenhoorder hoort eigen stemmen met eigen kenmerken. De stemmen kunnen overwegend negatief, positief of beide zijn. De meeste stemmenhoorders kunnen een dialoog voeren met de stemmen. De stemmen kunnen mannen, vrouwen, kinderen zijn, alleen of met een groep, bekenden of onbekenden. Soms komen stemmen van voorwerpen of dieren. Het aantal kan per periode verschillen. Ze kunnen een bepaalde leef- tijd hebben met een eigen karakter en eigen gedrag.

Hoe praten ze?
Stemmen kunnen zacht praten, fluisteren, schreeuwen of mompelen net zoals mensen om je heen. Het kan ook gaan om gebrom, geruis, muziek of zingen. De stemmen kunnen hoog of laag klinken, snel of langzaam spreken, heel duidelijk klinken of onverstaanbaar zijn. Soms praat één stem, soms meerdere tegelijkertijd.

Waar gaat het over?
De stemmen hebben meestal een bepaald thema of onderwerp waar ze over praten. Dit kan bijvoorbeeld gaan over je uiterlijk, je karakter of de dood van mensen of schuldgevoelens. Sommige stemmen praten alleen onderling over dit soort thema’s en niet tegen de persoon die ze hoort zelf. Stemmen kunnen ook bevelen en opdrachten geven, je dingen verbieden, iets aan je uitleggen, je veroordelen maar je ook raad en advies geven, steunen, helpen, of bijvoorbeeld complimentjes geven.

In de tweede of derde persoon
De meeste stemmen praten tegen de stemmenhoorder zoals in een normaal gesprek tussen mensen. Het komt ook voor dat de stemmen (soms ook met elkaar) óver de stemmenhoorder praten, dus in de derde persoon. Dat wil zeggen dat de stemmen praten over de stemmenhoorder alsof diegene er niet bij is. Het kan ook zo zijn dat de stemmen tegen elkaar praten over verschillende onderwerpen. Soms beschrijven de stemmen wat je denkt of herhalen ze hardop wat je leest. De manier waarop stemmen praten is vaak gelijk aan de manier waarop de stemmenhoorder omgaat met belangrijke mensen in zijn of haar omgeving.

Opdrachten
Sommige stemmenhoorders beschadigen zichzelf. Om zichzelf te straffen in opdracht van de stemmen of juist om de stemmen te kunnen stoppen. Sommige stemmenhoorders krijgen opdrachten van de stemmen waar ze bang voor zijn en daardoor voelen ze zich extra machteloos. Voorbeelden van zulke opdrachten zijn: iedereen eerst de bus laten instappen of juist als eerste de bus in moeten gaan; iemand uitschelden; je kamer niet mogen verlaten voordat het 12.00 uur is. Kinderen moeten bijvoorbeeld stout zijn, dwars of brutaal. Bij sommige stemmenhoorders hebben de opdrachten het karakter van dwangverschijnselen, zoals bijvoorbeeld het moeten tellen van alle stoeptegels, omdat er anders een ongeluk zou gebeuren of bij een trap alleen de oneven treden mogen aanraken.